Dag 1
In het begin maakte God de hemel en aarde.
De aarde was woest en leeg.
Een stormwind woei over het donkere water.
Toen riep God: “licht!” En het werd licht.
God zag dat het licht goed en mooi was, en hij scheidde het licht van het donker.
Hij noemde het licht: dag, en het donker noemde hij nacht.
Dat was de eerste dag

In straattaal

Helemaal aan het begin van alles, toen er nog niks was, was God er al.
Zijn Geest zweefde door de space. Er was geen tijd, geen licht, geen systeem in de dingen.
Maar wel was er water en God childe boven het water.
Toen zei God: “Licht!” Eén woord en dingen gebeurden. Het was licht.
God keek ernaar en zei: “Aaight” Het was masterlijk.
Hij speelde met het licht. Het licht noemde Hij ‘dag’ en het donker noemde Hij ‘nacht’.
Toen was de eerste dag voorbij.

naar de 2e dag